Demissionair minister Femke Wiersma (LVVN) informeerde de Tweede Kamer over de actuele stand van zaken rond het veterinair antibioticagebruik en antimicrobiële resistentie (AMR) bij dieren. De Kamerbrief laat zien dat Nederland grote stappen heeft gezet, maar dat verdere inzet nodig blijft in specifieke sectoren.
Antibioticagebruik: forse daling, maar niet overal
Sinds 2009 is de verkoop van veterinaire antibiotica met 75,5% gedaald. Verdere reductie wordt lastiger en richt zich daarom vooral op sectoren, bedrijven en dierenartsen met een relatief hoog gebruik.
Het gebruik daalde in 2023–2024 bij vleeskuikens en vleeskonijnen en bleef laag bij melkvee en overige runderen. Bij vleeskalveren blijft het gebruik hoog, bij varkens is sprake van een lichte stijging en bij kalkoenen van een duidelijke toename. Het antibioticagebruik bij eenden is voor het eerst gemeten en bleek zeer laag. In vrijwel alle sectoren nam het aantal structurele hooggebruikers af, behalve in de kalversector. Het gebruik van kritisch belangrijke middelen voor de humane zorg blijft laag en stabiel; colistinegebruik daalt verder.
Extra aandacht voor kalveren en speenbiggen
In de kalversector is de reductie tot stilstand gekomen en nam het aantal hooggebruikers toe. De minister gaat hierover in gesprek met de sector en ondersteunt praktijkonderzoek via de regeling Pilots gezonde kalverketen. Voor speenbiggen wordt vanaf 2026 een aangescherpte benchmark ingevoerd om het gebruik verder te verlagen.
Resistentie: grotendeels stabiel
Volgens Nethmap-MARAN 2024 bleef de antibioticaresistentie bij E. coli in de meeste sectoren stabiel. Bij vleeskuikens is al vijf jaar een dalende trend zichtbaar. In de geitensector werd voor het eerst gemeten; het resistentieniveau was laag. Resistentie tegen extended-spectrum cefalosporines nam toe bij melkvee en blijft hoog bij vleeskalveren. Fluorochinolonresistentie bij Campylobacter blijft hoog bij mens en pluimvee, ondanks lager gebruik. Colistineresistentie blijft zeldzaam. Eind 2024 werden voor het eerst CPE aangetroffen bij landbouwhuisdieren, waarna geen nieuwe gevallen volgden.
Ionofore coccidiostatica
Hoewel geen antibiotica, kunnen ionofore coccidiostatica mogelijk bijdragen aan resistentieontwikkeling. Daarom lopen sinds 2024 twee onderzoeken bij WBVR naar gebruik en resistentie in de pluimveehouderij; deze lopen tot 2027.
Nationaal Actieplan AMR
Met het Nationaal Actieplan AMR (2024–2030) zet Nederland in op verdere beperking van resistentie via de One Health-aanpak. Dit omvat onder meer monitoring, richtlijnontwikkeling en ondersteuning van dierenartsen bij zorgvuldig antibioticagebruik. Een eerste voortgangsrapport verschijnt in 2026.
Bron: KNMvD







