Het kabinet geeft provincies en gemeenten meer mogelijkheden om op te treden tegen probleemwolven. Provincies kunnen voortaan al een vergunning voorbereiden voor het afschieten van een wolf die als probleemwolf wordt aangemerkt. Daardoor kan sneller worden ingegrepen wanneer zich incidenten voordoen. Volgens staatssecretaris Erkens treden de nieuwe regels nog vóór de zomervakantie in werking, mede met het oog op de periode waarin veel mensen recreëren in natuurgebieden.
De regels zijn inmiddels definitief vastgesteld en gaan naar verwachting binnen twee weken gelden. Een wolf kan als probleemwolf worden aangemerkt wanneer het dier mensen verwondt of agressief gedrag vertoont. Ook wolven die binnen twee weken twee keer landbouwhuisdieren of paarden aanvallen in een stal of achter een raster, kunnen onder deze definitie vallen. Dat geldt eveneens wanneer het niet mogelijk blijkt om ongewenst gedrag van de wolf af te leren.
Door de verlaging van de beschermingsstatus van de wolf ontstaat daarnaast meer ruimte voor preventief optreden. Provincies kunnen wolven zonder vergunning verjagen met bijvoorbeeld paintballgeweren of rubberen kogels om ze schuwer te maken. Ook veehouders krijgen meer mogelijkheden om wolven vanaf het eigen terrein te weren, onder meer met licht- en geluidssignalen.







