Een lichte besmetting met long- en maagdarmwormen tijdens de eerste weidegang helpt kalveren om geleidelijk weerstand op te bouwen. Daardoor is de kans op gezondheidsproblemen op latere leeftijd kleiner.
Longworm
De besmettingsdruk in een weide wordt meestal veroorzaakt door enkele volwassen dragerdieren. Op percelen met alleen jongvee blijft die druk vaak laag, waardoor dieren weinig weerstand opbouwen. Later kunnen ze daardoor juist gevoeliger zijn voor longworminfecties.
Een goede aanpak is jongvee kort na de koeien te laten naweiden, eventueel gecombineerd met maaien. Bij hoestklachten tijdens de weideperiode moet altijd aan longworm worden gedacht. Mestonderzoek kan de infectie aantonen, al is de uitslag in een vroeg stadium soms nog negatief. Na enkele weken kan ook bloedonderzoek helpen.
Maagdarmwormen
Larven van maagdarmwormen overwinteren op het land, waardoor besmetting al vroeg in het seizoen mogelijk is. Om de infectiedruk laag te houden, is het verstandig jongvee minimaal elke drie weken te verweiden.
Andere mogelijkheden zijn:
- jongvee pas na 1 juni inscharen;
- een perceel vooraf twee keer maaien.
Regelmatige controle via mestonderzoek en groeimonitoring blijft belangrijk. Is er onvoldoende blootstelling aan longworm geweest, dan kan vaccinatie voor het weideseizoen uitkomst bieden. Ook daarna blijft beperkte weidebesmetting nodig voor een goede weerstand.
Bron: Royal GD







